Mooi en goed

Mijn ouwe blauwe had een prachtige staart met mooie brede veren en een zeer goed hoog aange- sloten bovenstaartdek. Hier op de foto niet zo goed te zien. Uiteraard had ik hem niet netjes gemaakt. De foto is zomaar genomen.

Oosterse rollers zijn voor mij vooral vliegduif, dus ga ik niet in de eerste plaats voor het uiterlijk, voor de show , maar vooral voor hun vliegcapaciteiten. Ik zou dit dus aan de specialisten van de GORF moeten overlaten. Toch heb ik me er redelijk in verdiept, omdat ik een Oosterse roller wil kweken die mooi is en zo veel mogelijk aan de standaard voldoet, die meerdere vliegfiguren kan maken en…., ook zeer belangrijk, die lang en zeer hoog kan vliegen.

De Oosterse roller is een redelijk unieke verschijning binnen de duivenwereld. De meeste rassen dragen hun vleugels op de staart, de Oosterse roller niet. De staart wordt onder een hoek van 30 á 40 graden gedragen en mag nooit boven de kop uitkomen. Dit geeft hem een holle rug waardoor hij wat kort lijkt, maar dat toch weer niet is.

Tijdens mijn speurtocht door de oude literatuur zag ik ook dat de eerste Oosterse rollers een aantal staartpennen konden hebben dat opliep tot 22. Nu is dat nog maximaal 17. Ook viel het mij in het “Handbuch der Taubenrassen” van Joachim Schütte op dat op een foto een Oosterse roller met voetbevedering te zien was. Daaronder stond een foto van een Perzische roller die grote gelijkenis vertoonde met bovengenoemde OR.

Wat ik verder nog opmerkelijk vond, is dat er in diverse boeken gesproken wordt over een grote rassigheid als een Oosterse roller in het midden van zijn staart een zogenaamde dubbele pen heeft. Ik heb ze regelmatig op het hok en zou er dus blij mee  moeten zijn, maar ik vind het verschrikkelijk. Ze gaan bij mij dan ook direct in de verkoop. Die komen dus niet aan vliegen, laat staan rollen toe. Een ander kan er dan zijn voordeel mee doen. Een erg rassige duif dus. Mijn beste duif op dit moment, mijn “Goede 36”, heeft overigens ook zo’n staartpen. Dus het klopt vast.

 

"Schuif eens een stukkie op".
Duiven willen graag in bad. De vleugels van een Oosterse roller hebben dit ook echt nodig.

Verder zal ik volstaan met het opschrijven van de laatste standaard zoals die door de GORF is vastgesteld. Wat me wel is opgevallen is dat de illustraties uit de oude literatuur een andere Oosterse roller laten zien dan de huidige standaard roller, die overigens al weer veel kleiner gefokt gaat worden dan 10 of 20 jaar geleden. Die grote kippen zien we niet meer. In Amerika zie je overigens nog wel van die grote duiven met van die stierennekken.

De standaard

Algemeen Voorkomen

Middelgrote duif ; enigszins opgerichte houding ; brede borst, holronde rug en schuin omhoog gedragen staart.

Raskenmerken

Type              :  Breed, compact met schuin omhoog gedragen staart.
Stand             :  Middelhoog, enigszins opgericht.
Kop                :  Glad, langwerpig gerond met breed en licht getrokken                            voorhoofd, met snavelhoek en hoogste punt voor de ogen.
Ogen             :  Parelogen met kleine pupil; enkele bloedadertjes zijn toegestaan.
Oogranden   :  Smal en licht
Snavel           :  Middellang, aan de aanzet krachtig, licht vleeskleurig; lichte stip conform de kleurslag is toegestaan; bij verder gelijke kwaliteit genieten dieren met een schone snavel de voorkeur; bij blauw, blauwzilver roodzilver, dominant rood, almond en zwartsprenkel wordt een blanke snavel nagestreefd, bij kite hoornkleurig, de verlengde snavellijn door het oog.
Neusdoppen :  Klein, glad en wit.
Keel                :  Uitgesneden.
Hals                :  Middellang, breed uit het lichaam opkomend, naar de kop toe slanker wordend.
Borst               :  Breed, goed gerond en enigszins naar voren gedragen.
Rug                 :  Kort, holrond, breed bij de schouder en de stuit.
Vleugels         :  Los tegen het lichaam, gesloten afhangend onder de staart gedragen zonder de grond te raken.
Staart              :  Minimaal 14 en maximaal 17 brede, dicht op elkaar liggende veren met goed aansluitend bovenstaartdek; schuin omhoog, enigszins gewelfd en zonder gapingen gedragen; aan het einde iets breder dan de schouder.
Benen             :  Middellang.
Bevedering    :  Strak aanliggend.

Fouten

Te smal of te klein lichaam; platte kop; veel rood in de iris; rode en grove oogranden; donkere bovensnavel, aangelopen ondersnavel, stierennek; te lange of te korte rug; te lange staartdracht, sterk open gedragen staart, minder dan 14 en meer dan 17 staartpennen; voortdurend op de staart gedragen slagpennen; onzuivere of matte kleur, zeer onregelmatige tekening; bij witpennen minder dan 7 en meer dan 10 witte slagpennen en meer dan twee witte pennen verschil.

 

Mooi en vliegen

De "Superroller"

Zoals al eerder geschreven, is het mijn bedoeling om een mooie duif te kweken die goed vliegt en meerdere figuren maakt en vooral goed rolt. Dit is zowaar niet makkelijk en sommigen beweren zelfs dat het niet mogelijk is.

Nu heb ik het geluk gehad dat mijn "Ouwe blauwe" in combinatie met mijn "52" al direct een prachtig jong gaf namelijk de "Suprroller". En die bleek, toen ik later de foto's nog eens bekeek, een prachtige staart te hebben met een prima bovenstaartdek. Maar perfect was het niet ; zijn staart stond niet hoog genoeg en zijn kleur was niet volgens de standaard ( hij was postduivenrood met waarschijnlijk smokey-factor), want het donkerroodkras was wel heel donker, tegen het grijszwart aan. MAAR dat maakt mij niet uit. Ik vond hem prachtig en zeg nou zelf.....

De "93" is al een mooie duif die stiphoog vliegt, lang vliegt ( meer dan een uur) en veel rolt ( meer dan 300 punten binnen supertrio 2). Hij heeft zelfs een behoorlijk blanke snavel.

Kleur is niet het belangrijkste, maar de staarten moeten wel goed zijn, dus niet te smal/niet te breed/niet te hoog/niet te laag/14 tot 18 pennen/geen splitstaart/geen splitpen/niet te plat en voor je dat er goed in hebt gefokt zonder de vliegcapaciteiten aan te tasten, ben je wel wat jaren verder. En dan bedoel ik ook echt dat de jongen voor 100% zekerheid een goede staart hebben. Waarschijnlijk gaat dat niet zo maar lukken. Er zit nog enorm veel fokonzuiverheid in de vlieg-Oosterse roller. Ik had natuurlijk met die "Superroller" en ook zijn broer de "Superzwarte" ware stuntvliegers die nog mooi waren ook, maar hun jongen hadden zo allemaal hun minpuntjes. Probeer maar eens alle goede eigenschappen in één duif bijeen te brengen en die dan ook nog fokzuiver te laten zijn voor al diezelfde eigenschappen. Met een staatslot heb je meer kans. Maar je kunt het lot wel een handje helpen door aan inteelt te doen. Je moet jezelf ook beperken in de eigenschappen die jij belangrijk vindt.

Ik heb daarom gekozen voor de zwarte Oosterse roller met alle goede eigenschappen van een supervliegduif en een showduif en ik moet u zeggen: "Het begint er op te lijken", al vinden ze bij de GORF mijn duiven te klein en niet intensief zwart genoeg.